VOORREDE.
————
Als een vervolg op het Soendaneesch Leesboek, dat ik in het voorjaar van 1874 uitgaf, verschijnt thans eene Soendanesche Bloemlezing, en wel in twee bundels, waarvan de tweede, naar ik hoop, in het aanstaande voorjaar gereed zal zijn. — Toen ik, nu weldra acht jaren geleden, mij half en half verbond om eene beknopte Soendanesche Spraakkunst te geven, kon ik niel rekenen op een zamenloop van omstandigheden en eene ophooping van bezigheden, die ik gerustelijk met een Indischen term de force majeure mag noemen, waardoor ik werd belet aan mijn voornemen gevolg te geven. Nu koester ik echter gegronde hoop dat een eerste, reeds afgewerkt gedeelte van eene uitvoerige Spraakkunst na de verschijning van den eersten bundel der Bloemlezing ter perse zal kunnen gaan.